dinsdag 28 december 2010

Yogykarta 1

Het is natuurlijk leuk om als bewoner van het Java-eiland en het complex Joggia nu daadwerkelijk te komen in Yogyakarta op Java. Ik had de stad iets te veel geromantiseerd en was in de veronderstelling dat het rustig, vreedzaam en oud was. Op de eerste dag werd mijn beeld bevestigd. Lommerijke wegen en veel bomen. Ik kon met drie vrouwen meerijden die een reuinie hadden. Sandra verkoopt handicraft over de gehele wereld en regelde dat ik ook mee kon rijden. Aniece is huisvrouw en Louslous is baas van een kuikenfarm. Ik werd de hele dag door haar meegetroond en liet het lekker over me heen komen. We bezochten een andere schoolvriend van hen die bij OLVG bleek te hebben gewerkt. Een beminnelijke man die vol trots zijn grote boomgaard liet zien vol verschilende vruchten.

We gingen lunchen en met zeven personen aten we voor in totaal nog geen tien Euro. En het was nog lekker ook: rijst met ei en sate. Hierna werd de dag wat rommeliger. We stonden eindeloos in de file om het paleis te bezoeken dat bij aankomst echter dicht bleek te zijn. Sandra wilde me meenemen op een tripje maandag en probeerde daarom een andere hotelkamer te regelen in het hotel waar zij en haar vriendinnen ook zouden logeren. We reden eindeloos rondjes omdat ze niet precies wist waar het hotel was. Bij aankomst enige tijd later, besloot ik toch naar het hotel te gaan dat ik geboekt had. Gelukkig werd dat wat sneller gevonden. Daar zit ik nu voor nog geen 12 Euro per nacht. Je betaalt hier meer voor airco en omdat ik dat niet gebruik bespaar ik flink! Tot maandagochtend.

Ik wilde naar het paleis lopen maar werd aangesproken door een vriendelijke man. Hij vertelde zeer overtuigend dat het paleis gesloten was omdat de sultan meetings had. Hij was zo vriendelijk me door te verwijzen naar een arts centre. Dat leek me wel wat als kunstminnaar. In een riksja werd ik er naar toe gefietst en vriendelijk ontvangen. Het gehele batikprocedé werd uitgelegd en ik werd aan de master of painting voorgesteld. Ik kon alleen die dag kopen werd me gezegd en ik zei nog dat me dat niet goed voor de business leek. Hij gaf me nog wat korting op het batik dat ik voor mijn ouders kocht hoewel ik het niet goedkoop vond maar ik heb natuurlijk graag iets over mijn familie. De man bracht me zelfs op zijn motor naar het paleis terug. Hij hield nog een soort psychologisch verhaal dat ik soft zou zijn en moest uitkijken. Ja, ja. Ik wist toen pas dat ik door hem en zijn kornuiten bedrogen was. Het paleis bleek gewoon open te zijn en een guide vertelde me dat ik moest uitkijken voor de batikmaffia. Ik had veel te veel betaald en ik had ook nog alle verhalen geloofd over de sluiting van het paleis. Ik moest er wel om lachen.

Na het bezoek aan het paleis werd ik overspoeld door opdringerige riksjarijders die om de twee meter proberen klanten te werven. Dat werd ik al snel zat, afgezien van het feit dat ik mamma mia werd genoemd wat al niet erg vleiend was. Ik besloot het centrum te ontvluchten en werd door een lief mannetje die ik op 65 schatte naar het moderne kunstmuseum Affinda gefietst. De man bleek overigens 47 jaar oud te zijn. Het museum was een oase met mooie schilderijen in een gastvrij gebouw. In Bandung had ik met Egbert ook al een dergelijk museum bezocht. Beide musea waren opgericht door de familie van de kunstenaar en draaide met name om het werk van deze kunstenaar. Affandi wordt vaak vergeleken met Van Gogh qua verfgebruik en het werk sprak me zeker aan. Ook had hij het lef mensen af te beelden wat niet mag van het islamitische geloof.

Op de terugweg reed Mudi, de riksjafietser, nog langs twee andere schilderijverkopers. Ik zag gelukkig nergens het werkje dat ik had gekocht eerder op de dag. Toen ik Sandra later op de avond het verhaal vertelde, moest ze vreselijk lachen om mijn goedgelovigheid. In al die vier weken heb ik maar een paar van deze foutjes gemaakt, het had erger gekund. Je kunt dergelijke vergissingen overigens ook als een gift zien. Zo had ik twee kruiers bij aankomst in Bali 100.000 rupiah gegeven in plaats van 1.000. Dat is zeker twee tot drie dagen inkomsten voor hen. Een van hen durfde aanvankelijk zelfs nog meer te vragen. Toen ze wegliepen zag ik ze vreemd genoeg bijna juichen. Pas later had ik door waarom ze zo blij waren.

’s Avonds at ik bij Via Via waar veel expats komen en je gewoon tomatensoep kunt eten en goede cappuccino drinken. Dat is weer even heerlijk en ik geniet er van na al die weken rijst, sate en weke groente.

Op maandagavond werd ik opgehaald door Sandra en reden we naar een discotheek. We reden zeker drie keer over dezelfde weg en het kostte veel tijd om de weg te vinden. Het is hier heel gebruikelijk om iemand de weg te vragen die op straat staat te hangen, te wachten of te eten. Ook staan er overal mannetjes die helpen auto's uit te parkeren en politieagenten die chaotische verkeer regelen. Het vinden van de weg wordt overigens wel lastig als iedereen maar wat zegt om aardig te blijven. Toen we aankwamen bij Cesar waren we echter drie kwartier te vroeg. Ik voelde me nu echt een oude vrouw. Het was een gigantische ruimte die overigens geen dansvloer had. Er was een band die optrad en een dj en vj (een vj draait filmpjes die passen bij de muziek) die muziek draaiden. We hebben stiekem gedanst vanaf onze stoel en gezellig gekletst. De zaal werd met name gevuld door jonge knullen vrouwen die volgens Sandra met name prostituees waren. Meisjes van soms nog geen 17 jaar oud.

Ik was pas half twee thuis en viel gelijk in slaap. Dat was maar goed ook want om 5 uur zou ik vertrekken naar de Borobudur. De Borobudur vind ik nog het best te vergelijken met de mayatempels die ik in Guatamala heb bezocht. Daar gingen we destijds ook heel vroeg naar toe en hoorden we het oerwoud ontwaken. Een magisch moment. Hier zagen we in de verte de Merapi zich ontdoen van de mist en langzaam in al zijn grote machtigheid optorenen. Op de weg naar de Borobudor hebben we nog huizen gezien die waren verwoest door het vulkaanas. Mensen waren nog druk bezig de lava te verwijderen. Mij is verteld dat de inwoners van Yogya zeer ruimhartig mensen hebben opgevangen en in huis genomen.

De Borobudur werd al snel in beslag genomen door geluiden. Niet van de apen en vogels uit het oerwoud zoals destijds in Guatemala maar door pubers die al giechelend aan ons vroegen of ze met ons op de mochten mochten. Wij bleken voor hen grotere attractie te zijn dan de tempel. Men kon niet echt uitleggen waarom men dit zo graag wil. Kennelijk is het leuk te vertellen dat je vrienden hebt in Amerika en Nl. Ik zal in ieder geval de komende jaren op tal van facebookpagina's te zien zijn als vriend van Indonesische pubers.

Ik was zelf wel onder de indruk van het gebouw dat behoorlijk onderhouden is en al in de 8e eeuw is gebouwd door slaven. Ik trok op met de Amerikaanse Lucia die een theatergroep bleek te leiden. Ze houdt zich ook bezig met theatre for development en richt zich met name op cultuureducatie. Het was leuk om haar te leren kennen en ik heb haar veel verteld over mijn bezoek aan Ubuntu en Theatre Embassy. De tweede tempel was ook indrukwekkend. Ook hier werden wij weer vaak op de foto gezet door pubers, ouderen en zelfs hele gezinnen. Het uitstapje eindigde met het drinken van een kokosnoot en de afspraak dat ik in de avond wat met Lucia zou gaan eten. En dat gaat zometeen gebeuren. Ik heb Joned ook uitgenodigd en ik kan me voorstellen dat ze heel wat kunnen uitwisselen als professionals onder elkaar.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten